Een andere Adventskalender

Adventskalenders zijn populair voor zowel gelovige als niet-gelovige mensen. Op een dag kwam ik een adventskalender bij de Douglas tegen met ‘beauty-producten’. Ik vroeg me af of je een link kunt leggen met kerstverhaal of het geloof. Toen vroeg ik aan priesterstudent Clemens of hij de items wilde koppelen aan het geloof. Hieronder dag 1 tot en met dag 9 van december.

Door: Clemens 

Dag 1: Lippenstift

De lippenstift is iets voor de lippen, voor de mond, de stem.
In de Bijbel horen we vaak over de stem van God. In het Oude Testament bijvoorbeeld, hoe deze klinkt als donder. In het Nieuwe Testament horen we God zeggen: ‘Dit is mijn welbeminde Zoon, in Wie ik Mijn welbehagen heb gesteld’, als Jezus door Johannes is gedoopt.

Een belangrijke passage over de mond, over de stem, is ook het verhaal van de doofstomme die bij Jezus gebracht wordt (Marcus 7, 31-37). Jezus zegt tot deze man: ‘Effata!’. Dat is Grieks voor ‘wordt geopend’. Daarmee gingen zijn oren open en werd zijn tong ‘losgemaakt’. Wijzelf kunnen ook ‘verstopt’ zitten, met dingen in ons hoofd, in ons hart, die ons doof maken voor God. En als we God niet kunnen horen, kunnen we ook niet over Hem spreken!
Met welke dingen zit ik ‘verstopt’? Waar ben ik misschien te veel met mezelf bezig, of met bepaalde zorgen of idealen, waardoor ik niet goed gericht ben op het Licht dat komt met Kerstmis?

Dag 2: Teenspreider

Oké, wel een beetje interessant om dit met iets van de Bijbel te verbinden. Maar een teenspreider is dus iets dat je voor je voeten gebruikt (even voor de leek: wat doet een teenspreider precies en waarom is het nodig?). Eén van de lezingen in de Mis tijdens de Advent is deze: ‘Hoe lieflijk zijn op de bergen de voeten van de vreugdebode, die vrede meldt, van de vreugdebode met goed bericht die een boodschap van heil laat horen en tot Sion zegt: ‘Uw God is als koning gekomen!” (Jesaja 52, 7). Als er vroeger een bericht verstuurd moest worden, dan moest dit per koerier. Soms had hij een paard, maar dat was niet altijd het geval. In tijden van oorlog bijvoorbeeld keek men op het thuisfront altijd uit naar zo’n bode, die dan hopelijk kwam melden dat de strijd gewonnen was, of dat er vrede was. Dit is het beeld dat in deze lezing wordt gebruikt: Gods Redding komt, de bevrijding is dichtbij, de boodschapper komt aanrennen om goed nieuws te brengen! God wordt zelf mens om ons te bevrijden!

Dag 3: Bodyglitter

Ik moest even opzoeken wat dit precies is, maar je doet dit dus op je huid (oké, zoals de meeste make-up, maar toch). Een thema rondom de huid dat vaker terugkomt in de Bijbel is de ziekte van melaatsheid. Dit was een zeer besmettelijke huidziekte die leidde tot de dood. En naast dat deze ziekte zelf al ernstig was, werd een melaatse vanwege de besmettelijkheid ook nog volledig uit de gemeenschap geplaatst; hij moest buiten het dorp of buiten de stad gaan wonen. Een beetje zoals nu met corona, maar dan nog veel erger. Jezus ontmoet een keer 10 melaatsen, die vragen of Hij hen wil genezen. Jezus zegt dat ze naar de priesters moeten gaan. Onderweg worden ze spontaan genezen. Maar slechts één keert er terug om Hem te danken en God te loven.
Hebben wij oog voor wat God voor ons doet, waar Hij ons geholpen en genezen heeft? Of willen we alleen maar een fijn leven hebben, zonder te beseffen wat Hij voor ons gedaan heeft?

 Dag 4: Oogmake-up. Groen, roze, blauw

Oogmake-up, verwijst naar het oog, de ogen, het kijken en het zien. Dit is eigenlijk een heel waardevol thema in de Bijbel, in het Oude en in het Nieuwe Testament.

In het Oude Testament gaat het bijvoorbeeld over God Die mij ‘kent en mij doorschouwt’, die mij ziet waar ik ga of sta. Hij ziet mij, altijd. Niet als een politieagent, of een bewaker bij een gevangenis. Nee, Hij ziet mij als een Goede Vader, die op Zijn kinderen let, dat ze niet vallen, zichzelf niet bezeren.

En wij? Zien wij Hem ook? Hij heeft ons ogen en een hart gegeven om Hem te zien, in onze medemensen, in onze dagelijkse omstandigheden, in de verwachte en onverwachte dingen.

Laten we dan ‘waakzaam zijn’ in deze tijd naar Kerstmis toe, dat we Hem niet voorbijlopen, maar Hem herkennen. Dan zullen we met Kerstmis, samen met de herders, het pasgeboren Kind in de kribbe zien.

Dag 5: Poederdons
Poederdons gebruik je voor de make-up op je gezicht, je neus en je wangen. Je kunt er bijvoorbeeld rouge mee aanbrengen. Een ander ‘rouge’ dat ook op je gezicht kan komen is schaamrood. In het Oude Testament vinden we de zin: ‘Schaamrood, verslagen druipen zij af, al die makers van beelden’. Waar wordt hier over gesproken? Het gaat hier over mensen die niet goed geloven en vertrouwen op God. Die andere zekerheden willen hebben om de onzekerheden van het leven aan te kunnen. Hiervoor gaan ze dan een reeks beeldjes maken van allerlei soorten goden, waar ze dan vervolgens in gaan geloven, en waarvan ze dan hopen het geluk en het succes te krijgen. Dit klinkt wat absurd: ze maken en bedenken zelf iets, en gaan vervolgens zeggen dat dat goden zijn! Maar doen wij dit niet ook? Hoezeer zijn onze economische systemen en onze uitvindingen de zekerheden waarop wij in onze maatschappij bouwen? Waar heb ik mijn zekerheden op gebouwd? Wat gebeurt er als dat wegvalt? Ga ik er dan krampachtig achterna om het weer terug te krijgen, of ben ik dan in staat om te zeggen: ‘God is er, Hij zorgt voor mij’.

Dag 6: Nagelstickers

Over de nagels wordt in de Bijbel niet zoveel verteld volgens mij, maar over de handen wel. Zo wordt er in het Oude Testament vaker gesproken over de ‘Hand van de Heer’ die almachtig is, die redding brengt. In het Nieuwe Testament komt dit ook concreet voor: bij de keer dat de leerlingen van Jezus in een storm op het meer in de boot zitten, en Jezus over het water komt aangelopen. Jezus roept Petrus uit de boot, en deze loopt naar Hem toe. Totdat hij toch wel bang wordt door de hoge golven en het onrustige water. Dan gaat hij twijfelen en hij zakt het water in. Petrus roept: ‘Heer, red mij!’ Jezus strekt Zijn hand uit, en redt Petrus.
Toen Petrus uit de boot stapte, had hij zijn blik en hart gericht op Christus, maar toen hij bezorgd raakte over de golven ging hij daar meer aandacht aan besteden, en toen ging het fout.
Hebben wij onze blik gericht op Christus, of zijn we meer bezig met de zorgen om ons heen?

Dag 7: Haarelastiekje, met drie sterretjes

Verkoopt men niet twee mussen voor een stuiver? En toch zal buiten de wil van uw Vader niet één mus op de grond vallen. Bij u echter is zelfs iedere haar van uw hoofd geteld. Weest dus niet bevreesd..” (Mattheüs 10, 29-31). God ziet altijd naar ons om, en geen probleem is voor Hem te groot. Toch kunnen we in sommige tijden onzeker worden over Zijn aanwezigheid, over Zijn hulp: ziet Hij wel de problemen waar ik mee rondloop? Zal Hij me wel op tijd komen helpen, voordat het echt mis gaat? Komt het nog goed? In veel lezingen die nu in de Advent tijdens de Mis worden gelezen, komt juist de verzekering van God terug: wees niet bang, Ik kom, Ik zal je helpen, vertrouw!
En Hij heeft ons ook gered. Hij is ons meer te hulp gekomen dan we ons hadden kunnen voorstellen. Hij heeft niet nog een profeet gestuurd, of een andere helper, nee, Hij is zelf gekomen.

De drie sterretjes van het elastiekje mogen staan voor: Hij heeft ons geholpen, Hij helpt ons nu, en Hij zal ons altijd blijven helpen.

Dag 8: Stickers, een kroontje en een hartje

Een kroon staat vaak symbool voor een prins of een koning. Een tijd na Kerstmis vieren we ‘Driekoningen’: de drie koningen (die eigenlijk geen koningen waren maar drie wijzen) uit het Oosten komen en geven drie geschenken: goud, wierook en mirre. Wat betekent dit?
De drie wijzen staan voor de drie continenten die destijds bekend waren: Afrika, Europa, Azië. Dus: heel de wereld komt om Christus te aanbidden. Dan de geschenken: Goud staat voor het koningschap; Jezus is koning, aangesteld door God zelf. Wierook: staat voor de godheid van Jezus, Jezus is God; in Jeruzalem werd er voor God wierook gebrand (dit doen we nu nog steeds in de Kerk). Mirre: dit is een soort zalf, waar we pas weer over horen als Jezus in het graf wordt gelegd. Dit geschenk wijst naar de weg die Jezus zal gaan: Hij zal ons verlossen door lijden en dood.
Het hart mag symbool staan voor de liefde: Het is de Liefde die God ertoe heeft gebracht mens te worden voor ons, het is de Liefde die Hem ertoe bracht voor ons te sterven.

 Dag 9: Oogcrème

Hier moest ik ook even opzoeken wat dit precies is (ik leer nog veel!). Je gebruikt het om de huid rondom je ogen te verzorgen. Maar hoe houden we onze ogen mooi? Door ze te gebruiken voor het goede, niet voor het kwade. Jezus legt ons uit dat het begerig kijken naar iemand van het andere geslacht al verkeerd is. Hoe kijk ik naar de dingen? Wil ik de dingen die ik zie per se hebben, bezitten? Of kijk ik naar de dingen met bewondering en dankbaarheid?
En naar wat voor dingen kijk ik? Dingen die me eigenlijk geen goed doen, waarbij ik me eigenlijk slecht of lusteloos voel als ik het gekeken heb? Of gebruik ik mijn ogen om te kijken naar dingen die me goed doen, die me ook innerlijk gezond maken? Het is natuurlijk altijd goed om je ogen voor het goede te gebruiken, maar misschien is het mooi om in deze tijd van voorbereiding op Kerstmis speciaal ervoor te kiezen om geen dingen te kijken die je niet echt goed doen, en meer te kijken naar of te lezen uit dingen die je dichter bij God brengen.

Geef een reactie